Bronzen Indra-beeld – Nepal
€1800,00
Bronzen beeld van Indra uit Nepal, zittend afgebeeld in lalitasana (houding van koninklijk gemak). In het hindoeïsme is Indra de koning der goden, een oude Indo-Europese godheid geassocieerd met onweer en oorlog.
- In het boeddhisme wordt hij onder de naam Śakra een hemelse vorst, beschermer van de Dharma en een dienaar van de Boeddha.
- Dit beeldhouwwerk past in de 19e-eeuwse Newar-ambachtstraditie en is vervaardigd volgens de verlorenwasmethode.
- Herkomst: Voormalige collectie Claude de Marteau.
- Verkocht met certificaat.
- Afmetingen: H max 34 cm × D max 16 cm × B max 26 cm.
Hoogte zonder sokkel: 30 cm.
Sokkel (modern): H 4 cm × B 20,5 cm × D 16 cm.
1 verkrijgbaar in de winkel
Indra in de boeddhistische traditie
Indra heerst over het rijk van de Drieëndertig goden (Trāyastriṃśa), gelegen op de top van de berg Meru. Hij is niet langer een oppergod, maar een machtige deva, onderworpen aan de wet van karma en de cyclus van wedergeboorten.
In Birma staat deze zelfde godheid bekend als Thagyamin, Birmese vorm van Sakka/Indra, geïntegreerd in de Theravada boeddhistische traditie en de wereld van de Nats.
- Beschermer van de Boeddha: hij verschijnt in talrijke episodes uit het leven van Śākyamuni. Hij is met name aanwezig bij het wonder van Śrāvastī aan de zijde van Brahmā en komt voor in bepaalde verhalen voor of na de verlichting van de Boeddha.
- Beschermer van de Dharma: vereerd in de boeddhistische tradities van Azië, met name in het Mahayana boeddhisme, bekend als Taishakuten in Japan en soms afgebeeld met de vajra, symbool van spirituele kracht.
- Geconditioneerd wezen: ondanks zijn status als hemelse koning blijft Indra onderworpen aan samsara. Hij wordt beschreven als vatbaar voor hoogmoed en de vergankelijkheid van zijn macht, wat een nog onvoltooide spirituele realisatie illustreert.
In de Himalaya boeddhistische beeldhouwkunst wordt Indra afgebeeld in een aanbiddende houding, vaak knielend voor de Boeddha, of als een hemelse vorst die de vajra vasthoudt.
Over dit stuk
Op de linkerarm is een technisch detail zichtbaar in de vorm van twee kleine openingen. Deze zijn zeer waarschijnlijk gietgaten die verband houden met het procedé van de verlorenwasmethode, waardoor lucht kan ontsnappen en het gesmolten metaal goed kan vloeien.
Twee soortgelijke openingen bevinden zich ook onder het linkerbeen, een zone zonder iconografische kenmerken. Deze plaatsing bevestigt hun technische eerder dan decoratieve functie. Dit type sporen komt vaak voor op antiek brons en getuigt van de gietbeperkingen en het vakmanschap van de ambachtsman.
Dit beeld komt uit de collectie Claude de Marteau, opgebouwd rond een belangrijke verzameling oude boeddhistische en Aziatische werken.









